Introductie bestuurslid Jan Lenselink

Mijn naam is Jan Lenselink, ik ben 72 jaar oud en dus met pensioen.

Mijn werkzame leven valt in twee periodes uiteen. De eerste tien jaar van die periode heb ik ontwikkelingswerk gedaan in Suriname, Iran en Malawi. De meeste tijd heb ik besteed aan het trainen van blinde mannen in landbouwwerkzaamheden. In Iran heb ik de langste tijd gewerkt maar moest ik daar helaas na de revolutie begin 1979 noodgedwongen vertrekken. In Iran was ik ook betrokken bij blindeninstituten voor jongens en meisjes.

Mede daardoor ben ik naar terugkeer in Nederland in het ouderenwerk terechtgekomen. In die sector heb ik veel verschillende functies gehad o.a. als directeur van verzorgingshuizen. 

Na mijn pensionering ben ik in de bestuurlijke kant van de sport terecht gekomen en werd voorzitter van de Nederlandse In en Outdoor BowlsBond (NIOBB). Een kleine bond van een sport die in Engeland en de landen van het gemenebest groot is. 

Daarnaast ben ik actief in de lokale politiek en tel voor de vogelbescherming geregeld vogels in en rondom mijn woonplaats Ruurlo. 

Al snel na mijn aantreden als voorzitter kreeg ik de overtuiging dat kleine bonden op den duur alleen maar goed zouden kunnen functioneren als ze meer gingen samenwerken. Bij een aantal initiatieven ben ik betrokken geweest maar steeds weer mislukte die samenwerking omdat te veel mensen vasthielden aan hun eigen koers. Zaken opgeven ten behoeve van samenwerking is toch moeilijk voor velen. 

Ik was daarom blij dat uiteindelijk het toch gelukt is om Nederland Sport op te richten. Een organisatie die zich richt op de ondersteuning van ook de kleinere bonden die daardoor de tijd en de ruimte krijgen om zich te concentreren op het promoten van hun eigen sport en minder tijd hoeven te steken in randzaken.

Natuurlijk blijven er wensen over; heel graag zou ik willen dat de kleine sporten georganiseerd worden onder een koepel. Die koepel kan zich inzetten voor de belangenbehartiging van die kleine sporten. Nu is er weinig aandacht voor die belangen omdat de grote sportbonden de kennis en tijd (beroepskrachten) hebben om hun sport en hun belangen goed te verdedigen. 

Mijn Utopia is een koepelbond van veel kleine sporten waarvan de leden door hun lidmaatschap van die koepel al die sporten kunnen beoefenen. Een soort kruisbestuiving.  Ik ben ervan overtuigd ook door de coronacrisis dat het de enige manier is om er zeker van te zijn dat het sportlandschap in Nederland divers blijft en ook kleine sporten in de toekomst beoefend zullen worden. 

Nieuwe dienst! Juridische adviesservice voor verenigingen Overzicht